Bevallen

Geboorteverhaal Bas Desmet

Maandag 18 februari

Afgelopen dagen waren bijzonder, om het licht uit te drukken. Ellie was tien dagen te vroeg geboren en de gynaecologe had me verteld dat de kans groot was dat Bas ook vroeger geboren zou worden. Wat had ik gedacht? Dat ook Bas exact tien dagen te vroeg ons ‘hallo’ zou komen zeggen? Tarara… Dagen sluipen voorbij en ik neem er vrede mee dat ik vermoedelijk ‘over tijd’ zal gaan, maar hoop toch dat een inleiding niet aan de orde zou zijn als ik verder dan week 41 (of 42) zou gaan. Vandaag hebben we nog een bezoek gebracht aan de Zoo van Antwerpen en ikea.

Michiel had een knieoperatie ondergaan en morgen, 19 februari moet hij opnieuw gaan werken. Eigenlijk hadden we er wat op gerekend dat ik toch (ietsje) vroeger zou bevalllen zodat hij gewoon thuis zou blijven en niet naar de VRT terug moet. We kruipen in bed en ik lach nog: ‘Wedden dat het voor vannacht is, zoals bij Ellie, als je eigenlijk in de voormiddag naar Brussel moet!’. 

19 februari – 1.30 uur 

Ik word wakker van een eerste wee. Is het begonnen? Vorige week had ik heel wat voorweeën (die me onbekend waren aangezien ik die nooit had bij Ellie) en door het overlijden van mijn opa voelde ik dat mijn lichaam het daar fysiek ook moeilijk mee had, maar de bevalling precies tegenhield. 5 minuten later volgt een tweede. Ok, dit is geen ‘oefenwee’, dit voelt exact zoals het bij Ellie begon. Ik geef Michiel een duw en zeg: ‘Ik durf het haast niet te zeggen, maar denk dat het zover is.’

Na twee opeenvolgende weeën stap ik uit bed en zeg ik tegen Michiel dat ik de woonkamer ‘klaarmaak’. Ik volgde een cursus HypnoBirthing en wil de arbeidsfase deze keer heel bewust aanpakken en zo lang mogelijk thuisblijven. Tussen enkele weeën door zet ik geurkaarsjes op verschillende plaatsen, een extra sfeerlicht steek ik aan, ik zoek een rustgevende playlist op Spotify en installeer me op een zitbal. Michiel zet de GoPro aan, die hangt tegen het plafond om nadien een timelapse te maken van de arbeid, en gaat nog snel even in de douche. Ellie blijft verder slapen, maar toch onrustiger dan anders. Zou ze het aanvoelen? 

19 februari – 2.00 uur

De weeën worden pittiger en Michiel doet zijn uiterste best om ze te helpen verlichten. Waar ik de vorige keer niet kon verdragen dat hij aan me kwam, weet hij nu (dankzij de cursus HypnoBirthing) exact wat hij kan doen. Net zoals bij Ellie ervaar ik enkel rugweeën en het samendrukken van mijn bekkenbeenderen door Michiel tijdens elke wee zorgt voor verlichting bij mij en stramme armspieren bij hem. 

19 februari – 2.45 uur

Op voorhand heb ik beslist om gebruik te maken van de wachtdienst van de vroedvrouwen, wat wilt zeggen dat ik ze mag opbellen om naar huis te komen als ik een uur lang weeën heb om de 5 à 10 minuten. Dan begeleiden ze ons en bij 6-7cm opening rijden ze mee naar het ziekenhuis om daar een overdracht te doen aan de vroedvrouwen en de nodige info van de arbeid door te geven. Ik kijk op de lijst wie van wacht is en ben ongelofelijk blij. Ze zijn alle vier crèmes van vrouwen, maar S. is van wacht en was ook de lesgeefster van de cursus HypnoBirthing. Ze belt even met Michiel om telefonisch in te schatten ‘hoe ver ik sta’, maar wilt me toch zelf nog even horen. Ze vraagt wat ik denk, of ze nu meteen moet komen of als we over een (half)uurtje nog eens bellen met elkaar. Ik weet het oprecht niet, naar mijn gevoel zijn de weeën even sterk als die allereerste wee, maar of dat nu betekent dat ik aan het begin van mijn arbeid sta of op het eind, écht geen idee… Ik zou me toch geruster voelen als ze eens zou langskomen. 

19 februari – 3.15 uur

S. is er en stapt precies mee in het proces. Ze laat me even nog wat weeën opvangen om te kunnen evalueren hoe ver ik sta, of ik het aan kan, hoe lang ze duren … (Achteraf gezien vind ik het heerlijk dat ze niet meteen binnenkwam en me onderzocht, maar gewoon even afwachtte en zich geleidelijk aan aanpaste aan onze cocon.)

19 februari – 3.35 uur

Een kwartiertje later beslist ze om eens te onderzoeken hoe ver ik sta. ‘Niet schrikken Lori, je hebt eigenlijk al 6-7 centimeter. Ik denk dat we ons best klaarmaken om naar het ziekenhuis te gaan.’ 

Ik weet dat het snel kan gaan als het je tweede kindje is en als je de weeën actief opvangt, maar zo snel? Zalig, gaat er door mijn gedachten. 

Op voorhand had ik mama gevraagd of ze het zag zitten om voor Ellie te komen zorgen bij ons thuis als ik moet bevallen. Ze krijgt die nacht een telefoontje van Michiel en maakt zich klaar om naar ons thuis te komen. Michiel legt de telefoon neer en ik vraag hem of hij toch gezegd heeft dat ze er wat haast achter moet steken aangezien ik al ‘vrij ver ben’. Ik zie hem opnieuw de telefoon nemen en S. lacht eens. ‘Ja, we moeten nu toch best echt wel niet meer te lang wachten.’

19 februari – 4.10 uur

Mama komt binnen in het appartement en nadat ik een wee opvang in de gang, vraag ik haar of ze het speciaal vindt om haar eigen dochter in arbeid te zien. Het doet haar vooral terugdenken aan haar eigen bevallingen, zegt ze. 

Tegelijkertijd voel ik al enkele minuten een ongelofelijke druk naar onder toe. Ook de weeën worden intenser: korter op elkaar en heviger in gevoel. Vroedvrouw S. geeft aan dat we best echt wel niet meer te lang wachten om te vertrekken. Ik stap uit het appartementsgebouw en voel een sterke drang om te persen. Even wachten nog, Lori.

Michiel en ik rijden met onze eigen auto en S. volgt ons. 

19 februari – 4.22 uur

Michiel rijdt naar de ingang van spoed en beseft dat het nu snel moet gaan. Hij laat de motor van de auto draaien, springt eruit, drukt op de bel van spoed en helpt me uit de auto. Er komt een spoedarts ons tegemoet en weet waarschijnlijk niet goed wat er gebeurt, want ik hang even aan Michiel zijn nek om een wee op te vangen. De spoedarts zet me in een rolstoel en rijdt me al richting verloskwartier. Michiel parkeert de auto en komt achter met S. die ondertussen in de auto gebeld heeft met materniteit om te zeggen dat we eraan komen. 

De spoedarts rijdt me een arbeidskamer in, ik sta recht en voel een onweerstaanbare drang om te plassen. Verkeerd gedacht, want mijn vliezen knappen en daar sta ik dan, nog tussen de voetbeugels van de rolstoel, net opgestaan, met een kletsnatte broek en dito schoenen. En nu kan ik het niet meer houden, dat kind moet eruit, denk ik. 

Vroedvrouw S. raadt me aan om op handen en knieën op het bed te kruipen. ‘En zo ga je ook bevallen.’ zegt ze. 

(Sidenote: op voorhand ben ik naar het ziekenhuis gegaan om mijn geboorteplan mee te delen en te zien voor welke zaken ze wel/niet openstaan, want ik wil eigenlijk absoluut niet ‘horizontaal’ bevallen. Daar is niets natuurlijks aan, want de zwaartekracht kan ook niet meewerken. Als ik naar de verloskamer kon gaan, dan wilde ik dat ze het verlosbed zouden aanpassen: ofwel op knieën en vasthouden aan een reling, ofwel als een soort van baarkruk.) 

Ik plant mijn gezicht in het kussen dat op het bed ligt en houd de bovenkant van de matras vast (het bed staat ondertussen ‘rechtop’). 

Ik wil natuurlijk bevallen, maar fuck, dit doet pijn, wat ik ook luidop zeg. ‘Inderdaad.’ hoor ik alle vroedvrouwen tegelijk zeggen. Bedankt ladies. 😉

Ook de vroedvrouw waarbij ik vorige week nog langs geweest ben om Bas in ideale geboorteligging te laten plaatsen door een rebozo-massage, zie ik plots verschijnen in de kamer. Dat is zowat het laatste wat ik zie, want ik wil me focussen op het bevallen met die enorme persdrang. Ik wil zelf weten hoe ver het geboorteproces is en voel eigenhandig dat Bas zijn hoofdje ‘kroont’. Ik plant opnieuw mijn gezicht in het bed en zie verder niets meer van wat er achter me gebeurt. Op handen en knieën blijft het. 

19 februari – 4.47 uur 

Ik merk dat ik tijdens twee persweeën alles wat tegenhoud en besef dat ik toch de knop in mijn hoofd zal moeten maken om door te duwen bij de volgende wee. Ook S. (die stiekem van de gelegenheid gebruik gemaakt heeft om in de kamer te blijven en me verder te begeleiden, aangezien de assistent-gynaecologe écht geen fan is van een niet-horizontale bevallingshouding) merkt het op en zegt me dat ik de volgende keer echt in de perswee moet op- en meegaan. Daar gaan we dan en ik voel dat Bas zijn hoofd geboren wordt. De vroedvrouwen zeggen me dat het grootste werk gedaan is en dat ik nauwelijks moet meegaan in de volgende perswee, dat de schouders en de rest van het lijfje vanzelf geboren zullen worden. Yeah right. Ook zijn schouders vereisen nog wat ‘werk’, maar dan is het zover. Hij wordt geboren in het arbeidsbed, vlak onder me. Ik mag hem helemaal zelf als allereerste vastnemen, van onder me. Ik heb me nog nooit zo machtig gevoeld. Hier zit ik dan, op mijn knieën met mijn pasgeboren zoontje in mijn armen. 

Daarna draai ik me om op het bed te liggen en wat uit te rusten. De navelstreng wordt uitgeklopt (op vraag en daar gingen ze volledig in mee) en Michiel knipt hem door. Na wat cocooning wordt Bas gewogen en blijkbaar zat de gynaecologe er toch wat naast: 4.310 kg en dat verklaart meteen het ‘extra werk’ bij de geboorte van de schouders. 😉

Ik heb de bevalling gehad waar ik van droomde en me op voorbereidde. Je kan je nog zoveel voorbereiden als je wilt, het hangt nog steeds af van verschillende (medische) factoren of je kan bevallen zoals je voor ogen hebt, dus ik weet dat dit niet vanzelfsprekend is. Hoe zwaar mijn zwangerschap was, zo heerlijk en dankbaar is de geboorte van Bas. Nadien krijg ik nog een berichtje van een aanwezige vroedvrouw en zij vat het eigenlijk mooi samen wat ik voelde: ‘Zo mooi hoe je dat gedaan hebt, zo vanuit je eigen kracht, met vertrouwen in je lichaam. Vereerd dat ik erbij kon zijn. Geniet van jullie mooie gezinnetje.’ 

Bedankt Michiel, vroedvrouwenpraktijk De Oever, AZ Sint-Lucas (en in het bijzonder Kaat) en mama om me op voorhand en tijdens die mooie nacht van 19 februari te helpen om de bevalling van mijn dromen te hebben. 

1 Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *